Nieuw op je EPC: het cijfer dat een te dure warmtepomp kan voorkomen

Sinds 1 juli 2026 vermeldt het Vlaamse EPC het benodigde verwarmingsvermogen en mogen energiedeskundigen de gegevens van recente attesten hergebruiken.
Stel: je kocht dit voorjaar een huis met EPC-label E. De renovatieverplichting loopt, de oude gasketel is aan vervanging toe, en elke installateur die langskomt stelt een ander toestel voor. Sinds 1 juli staat er op elk nieuw EPC een cijfer dat dat gesprek een stuk eerlijker maakt. En er zit nog een tweede wijziging in het attest verstopt, eentje die je volgende EPC goedkoper kan maken.
Het kilowattcijfer dat je installateur meteen wil zien
Elk EPC dat sinds 1 juli 2026 wordt opgemaakt, vermeldt een inschatting van het vermogen dat nodig is om de woning te verwarmen, uitgedrukt in kilowatt. Dat cijfer verandert niets aan je label of je energiescore. Het is een richtwaarde die toont hoeveel warmte je installatie moet kunnen leveren.
Waarom dat telt? Gasketels werden traditioneel ruim gekozen, met marge voor de koudste dagen. Een warmtepomp werkt net omgekeerd: die draait het zuinigst wanneer haar vermogen dicht bij de echte warmtebehoefte van het huis ligt. Een te groot toestel kost je twee keer: de aankoopprijs ligt hoger en het verbruik loopt op. Het Vlaams Energie- en Klimaatagentschap benadrukt wel dat een warmteverliesberekening door de installateur nodig blijft; het cijfer op je EPC is het vertrekpunt van het gesprek, niet het eindpunt.
Je gegevens verhuizen voortaan mee
De tweede wijziging is minder zichtbaar maar minstens zo nuttig. Moet je EPC worden aangepast of vernieuwd, bijvoorbeeld na een renovatie, dan hoefde een energiedeskundige tot nu toe alles opnieuw in te voeren: elke muur, elk raam, elke installatie. Voortaan kan een deskundige de gegevens van een recent attest gewoon inladen, ook als een collega dat attest opmaakte. Dat bespaart werkuren, en die besparing kan doorwegen in de prijs van je volgende EPC. De deskundige die het nieuwe attest aflevert, blijft wel volledig verantwoordelijk voor de juistheid van de gegevens, ook de geïmporteerde.
De datum die bepaalt of jij meeprofiteert
Er zit een addertje onder het gras: de overdracht werkt alleen voor EPC's die vanaf 1 juli 2026 officieel zijn ingediend. Consumentenorganisatie Test Aankoop vraagt de Vlaamse overheid om de regel ook voor oudere attesten te laten gelden, maar vandaag is dat niet zo.
Vooral voor kopers onder de renovatieverplichting maakt dat verschil. Wie een woning met label E of F koopt, moet die binnen zes jaar opwaarderen tot minstens label D en dat bewijzen met een nieuw EPC.
Dateert je aankoopattest van na 1 juli 2026, dan bouwt het EPC na je renovatie voort op de bestaande gegevens: alleen wat veranderde, moet opnieuw bekeken worden. Kocht je met een ouder attest, dan begint de deskundige bij dat tweede EPC van nul. Hetzelfde huis, dezelfde renovatie, maar een ander prijskaartje voor het bewijs.
Voor wie op een warmtenet is aangesloten, is er nog een derde aanpassing: de deskundige kan die aansluiting voortaan gedetailleerder invoeren, wat in de meeste gevallen een gunstiger resultaat oplevert. Hoeveel gunstiger, hangt af van het warmtenet zelf.
Plan je binnenkort een nieuwe verwarming of loopt je renovatieverplichting? Neem je EPC mee naar elk installateursgesprek en vraag altijd een warmteverliesberekening op maat. Hoe de renovatieverplichting precies werkt en welke termijnen gelden, lees je in een volgend stuk.







